Terug naar Platland (of toch niet)

Dit is niet het eerste boek in z’n soort. Vele boeken beschrijven de zoektocht naar antwoorden – en vele doen dat door een apologetische of semi-wetenschappelijke manier. De vraag of en hoe geloof en wetenschap te verenigen zijn lijkt nog steeds actueel. Wat dit boek wel uniek maakt is de pretentie om een ‘theory of everything’ te presenteren. En juist in die pretentie schuilt het grootste gevaar.

Boek: Terug naar Platland door Eric Middeton. Uitgegeven bij Boekencentrum.

Eric Middleton is een Britse natuurkundige, psycholoog en filosoof. Een interessante combinatie van disciplines, die ook in dit boek aan bod komen (al geldt dat in mindere mate voor psychologie). Middleton kwam in gesprek met studenten over de grote levensvragen, en de sessies die hij met hen hield hierover vormen de basis van het boek.

Een centrale vraag is: wat is de werkelijkheid? Is wat wij kunnen waarnemen alles wat er is? Via sterrenstelsels en zwarte gaten gaan we naar kwantum- en relativiteitstheorie, quarks en strings – een heel scala aan hogere wetenschap waaruit vooral duidelijk wordt dat er meer vragen dan antwoorden zijn – zelfs zonder op het metafysische uit te komen.

De schrijver gaat vervolgens meer op de filosofische toer aan de hand van twee metaforen. Een bekende analogie is die van Plato’s grot: mensen die anderen slechts als schaduwen in het halfduister op de muur zien en horen, kunnen zich geen voorstelling maken van echte mensen in het volle licht. Mocht een van hen dat ooit meemaken, dan zou diegene eerder voor ontoerekeningsvatbaar worden gehouden dan geloofd. De tweede metafoor (waar ook de titel naar verwijst) is die van Platland: het tweedimensionale land. Wat zou er gebeuren als daar een bol doorheen valt? Wat nemen de Platlanders waar, en wat niet? Beide verhalen maken opnieuw duidelijk dat er veel meer kan zijn dan wij nu denken.

En daarmee is het meeste wel gezegd over de kracht van dit boek. Het maakt als het ware ruimte voor God in het wetenschappelijk landschap door aan te tonen dat er meer is. Hier had de schrijver wat mij betreft mogen stoppen. Er volgen nog vele hoofdstukken over bewustzijn, chaostheorie, evolutie en de oorsprong van het kwaad. Waarschijnlijk vond Middleton het nodig om deze thema’s aan te stippen om zo te komen tot een ‘theorie van alles’. Maar helaas verdienen deze onderwerpen veel betere uitdieping dan dit boek. En zo is de pretentieuze opzet een valkuil: daar waar wordt aangetoond dat de wetenschap niet alle antwoorden heeft, probeert dit boek ze wel te geven. Bovendien is er ook wel het een en ander aan te merken op de schrijfstijl. Met name aan het einde is de dialoog met studenten erg verwarrend; in een poging om aan te geven wat de impact is op hun leven, komen van alle studenten persoonlijke noten en inzichten terug. Ook daarvoor geldt dat er teveel gezegd wil worden en dat er te weinig synthese is. Dat leidt tot een volstrekt onleesbaar en verwarrend einde. Jammer, want er staat ook veel goeds in; zeker de eerste honderd bladzijden boeiden me behoorlijk.

En nu. Zou het boek gebruikt kunnen worden in ons werk? Ja en nee. Daar waar de vragen er zijn naar de wetenschappelijke mogelijkheid van het bestaan van God, zou dit boek een goede rol kunnen spelen. Voor de uiteindelijke ‘theorie van alles’ verwijs ik echter toch liever naar de Bijbel.

Nieuwsgierig geworden? Klik hier om het boek bij Boekencentrum te bestellen!

Update: Lees ook de recensies van Johannes van den Akker (waarin tevens een link naar de recensie van Tim Vreugdenhil), Paul Abspoel en het IZB.

Geef een reactie